Hfdst. 4 Demonencratie Uit: 'Mag ik even tussendoor' deel 2

De kabinetsformatie is het verkooppraatje van het compromis. De deelnemers spreken van het doorlopen van een democratisch proces. De volgende vraag van één van mijn kinderen heeft mij hierover aan het denken gezet.
Mijn zoontje komt thuis en heeft net op school geleerd dat democratie de helft plus één is. Opgetogen vertelt hij mij de kennis die hij heeft opgedaan. Zoals een goede ouder betaamt, ben ik een en al luisterend oor voor zijn schoolprestaties. De meester heeft hem uitgelegd hoe onze democratie werkt. Maar mijn zoontje heeft toch nog
een vraag. Waar de meester geen antwoord op wilde geven. Dan is de beste plaats om het antwoord te vinden uiteraard thuis, daar waar de kiezer woont. De woorden van de meester door mijn stamboom overgebracht. Met enig argwaan maar ook met de nodige zelfwaardering daag ik het ventje uit mij de vraag te stellen. Ik zal hem eens wat leren. De inleiding tot de vraag is een uitgebreide. Met toenemende nieuwsgierigheid en verbazing, luister ik.
‘Een meerderheid om te regeren, bestaat in ons land altijd uit minimaal twee partijen. Er wordt ergens in een donker geluidsdichte ruimte met alle partijbokita’s gesproken en dan besluiten er vier dat ze misschien wel samen kunnen werken om die meerderheid te vormen.
Stel er zijn honderdvijftig zetels. Dan is de meerderheid zesenzeventig.
Deze vier partijen hebben nu zo’n meerderheid. Zesenzeventig zetels.
De grootste partij heeft vijfentwintig zetels, de andere partijen hebben respectievelijk eenentwintig, zestien en
veertien zetels.
Er volgen lange besprekingen die dagen, weken, zelfs maanden duren. De grootste partij wil de belasting voor de rijken afschaffen. De anderen zijn radicaal tegen.
Er wordt gedreigd dat het regeren dan niet doorgaat. Kamerdeuren slaan dicht.
Maar, belooft die grootste partij, als jullie akkoord gaan, vinden wij dat de drugs wel kunnen worden gelegaliseerd. Kamerdeuren gaan weer open. Want dat vinden twee andere partijen wel een goed idee, maar dan blijkt de partij met veertien zetels weer radicaal tegen.
De andere drie partijen beloven de partij met veertien zetels dat er niet meer op zondag mag worden gevoetbald en de winkels weer moeten sluiten.
Iedereen tevreden, hoera, een compromis.
Er kan worden geregeerd. De democratie heeft gewonnen. Toch?
‘Maar,’ gaat mijn zoontje verder, ‘het voorstel van de belastingafschaffing voor de rijken is een voorstel van vijfentwintig zetels. Gesteund door de anderen -gesteund, dus niet voor- komen ze aan een meerderheid. Die vijfentwintig zetels is echter slechts 15,5 procent van de kiezers.
We hebben tien miljoen kiezers en slechts anderhalf miljoen willen dat blijkbaar. Dat is toch niet de helft plus één?’
Hij wachtte het antwoord niet af maar ging verder. ‘Het voorstel om drugs te legaliseren, heeft een echte voorkeur van zevenendertig zetels, dat is slechts 24,6 procent van de kiezers. Ongeveer twee en een half miljoen kiezers. Het voorstel om winkels te sluiten op zondag is een voorstel van veertien zetels en dat is slechts 9,3
procent van de kiezers. Iets meer dan negenhonderdduizend kiezers. Een meerderheid zou toch eigenlijk 51 procent moeten zijn? Vijf miljoen kiezers plus één?’
Maar uiteindelijk is dat niet de vraag van het ventje.
Na deze uiteenzetting van een kinderlijke eenvoud heeft het manneke de vraag klaar.
‘Papa,’ zegt hij, ‘hoe kan het nu dat in ons democratisch landje de mensen zo ontevreden zijn over de
beslissingen die de politiek neemt?’
Ongemakkelijk in mijn gemakkelijke zetel zittend, moet ik tegen het ventje zeggen: ‘Jongen, dat moet
je toch maar aan de meester vragen.’

Twitter Facebook LinkedIn Volgen


Reacties

Geweldig verhaal. Lezen is in dit geval smullen.
Ton Rozendaal, op 15-03-21

Hfdst. 4 Demonencratie  Uit: 'Mag ik even tussendoor' deel 2

Ongewenste intimiteit

(Fragment) Voor wat, hoort wat? (verschijnt binnenkort: het zal je kind maar wezen)

Van Action tot Kringloop. (verschijnt binnenkort: Het zal je kind maar wezen)

Hfdst. 4 Demonencratie Uit: 'Mag ik even tussendoor' deel 2

de onwetende en de witte maagd. (uit 'Mag ik even tussendoor deel 2')